Rekenschema voor vaststelling bestuurlijke boete

Afbeeldingsresultaat voor rekenmodelDe expertgroep Fraudewet heeft een rekenmodel ontwikkeld voor de vaststelling van de bestuurlijke boete. Dit rekenmodel is gebaseerd op de bepalingen in de wet, de uitspraak van de CRvB over draagkracht en op keuzen die door veel gemeenten zijn gemaakt.

In het rekenmodel wordt voor bijstandsgerechtigden een beslagvrije voet van 90% van de bijstandsnorm gehanteerd.

Het rekenmodel en meer info vind je op de website van de VNG.

‘Beslagvrije voet ook toepassen bij bankbeslag’

Afbeeldingsresultaat voor onvoldoende saldoWanneer beslag wordt gelegd op uitkering/loon moet de beslagvrije voet worden toegepast. Die regel geldt nu al, en zal nog steeds gelden als straks de vereenvoudigde beslagvrije voet wordt ingevoerd.

Maar de beslagvrije voet geldt niet bij beslag op de bankrekening.

Beslagleggers kunnen dus op de dag waarop loon/uitkering worden gestort, alsnog beslag leggen op het hele bedrag. Dat ondergraaft de werking van de beslagvrije voet natuurlijk enorm. De Ombudsman roept de regering daarom op wettelijk te regelen dat ook bij bankbeslag de beslagvrije voet wordt toegepast.

Belastingdienst, CJIB, DUO, LBIO, SVB en UWV hebben – vooruitlopend op wetgeving – met elkaar afgesproken de beslagvrije voet bij bankbeslag ‘informeel’ te zullen respecteren. De Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders (KBvG) heeft aangegeven dat gerechtsdeurwaarders dit alleen kunnen als hun opdrachtgevers daarmee akkoord gaan.

Lees meer op de website van de Nationale ombudsman en bekijk de uitzending van Vara’s Kassa hierover. Lees op schuldinfo hoe bankbeslag werkt.

Naschrift d.d. 18 mei. Tijdens het NVVK-congres ‘Oog voor de ander‘ meldde staatssecretaris Klijnsma dat ook zij vindt, dat bij bankbeslag de beslagvrije voet moet worden gerespecteerd.

Beslagvrije voet op 7 maart door Eerste Kamer

Logo Eerste KamerVorige week werd het wetsvoorstel vereenvoudiging beslagvrije voet aangenomen door de Tweede Kamer. Ook in de Eerste Kamer is er breed draagvlak voor het wetsvoorstel: het wordt op 7 maart als hamerstuk afgedaan. Beoogde invoeringsdatum is 1 januari 2018.

Wetsvoorstel vereenvoudiging beslagvrije voet aangenomen door Tweede Kamer

Afbeeldingsresultaat voor tweede kamerHet Wetsvoorstel vereenvoudiging beslagvrije voet is zojuist als hamerstuk afgedaan in de Tweede Kamer! Gelukkig dus nog vóór de verkiezingen. Nu gaat het naar de Eerste Kamer. Verwachting is dat de nieuwe beslagvrije voet in werking treedt op 1 januari 2018.

De nieuwe beslagvrije voet gaat uit van vaste bedragen per leefsituatie. Er worden vier leefsituaties onderscheiden:

  1. alleenstaande;
  2. alleenstaande ouder met een of meer kinderen < 18 jaar;
  3. gehuwden zonder kinderen < 18 jaar;
  4. gehuwden met een of meer kinderen < 18 jaar.

Daarnaast worden drie inkomensgroepen onderscheiden:

a) geen recht op toeslagen;
b) wel recht op toeslagen;
c) inkomen gelijk aan of lager dan bijstandsnorm.

Voor mensen die geen recht hebben op toeslagen (i.v.m. relatief hoog inkomen) geldt per leefsituatie een beslagvrije voet van ongeveer €1.486, €1.623, 1.957 respectievelijk € 2.093.

Voor mensen die wel recht hebben op toeslagen (vanwege een lager inkomen) geldt een andere berekening. Dat is maar goed ook, want anders zouden zij in geval van beslag over meer inkomen beschikken dan schuldenaren zonder recht op toeslagen. Voor mensen die recht hebben op toeslagen geldt een bedrag gelijk aan 95% van de bijstandsnorm, vermeerderd met een compensatiekop. Die compensatiekop bestaat uit drie componenten namelijk, zorg, wonen en kinderen (twee als de schuldenaar geen kinderen heeft). De precieze berekening vind je op p. 23 van de Memorie van Toelichting.

Dan is er nog de groep met een inkomen onder of gelijk aan de bijstandsnorm. In de huidige berekening is de beslagvrije voet vaak hoger dan het inkomen zelf. Schuldenaren met zo’n inkomen hebben op dit moment geen afloscapaciteit. Dit zou ook gelden in het nieuwe model als de berekening zoals voorgesteld voor de groep toeslaggerechtigden ook zou gelden voor de inkomens onder de bijstandsnorm. Het kabinet wil echter een belangrijk signaal afgeven: financiële verplichtingen moeten worden nagekomen! Schuldenaren moeten op hun verantwoordelijkheid worden gewezen en mogen niet het gevoel krijgen dat zij voor schuldeisers onaantastbaar zijn. Daarom wordt hun beslagvrije voet vastgesteld op 95% van het netto-inkomen inclusief vakantiebijslag. Met dit voorgestelde percentage wordt aangesloten bij de norm die de NVVK hanteert in een minnelijke schuldregeling, indien de schuldenaar op basis van het voor hem geldende vrij te laten bedrag (VTLB, een afgeleide van de beslagvrije voet) niet over afloscapaciteit blijkt te beschikken.

Eenvoudiger
Om de nieuwe beslagvrije voet te berekenen is een beperkt aantal gegevens nodig over leefsituatie en inkomen. Deze zijn grotendeels uit bestaande registraties te halen, zoals de BRP en de polisadministratie. De schuldenaar hoeft in beginsel, behoudens in een beperkt aantal uitzonderingsgevallen, geen informatie meer aan te leveren.

beslagvrije-voet

Ontwikkelingen rond Beslagregister en Verwijsindex

In een brief van Klijnsma aan de Tweede Kamer lees ik, dat verbreding van het beslagregister nog wel even gaat duren. Met behulp van het beslagregister moeten beslagleggers met elkaar afstemmen, zodat de beslagvrije voet wordt gerespecteerd. In het beslagregister moeten gerechtsdeurwaarders sinds 1 januari 2016 alle derdenbeslagen op periodieke betalingen, inclusief beslagen op toeslagen, aanmelden. Het kabinet streeft ernaar dat daarnaast (de eerste) overheidsorganisaties in 2019 aansluiten op het beslagregister.

Omdat de verbreding van het beslagregister nog enige tijd in beslag zal nemen, is volgens Klijnsma een voortvarende aansluiting van de gemeentelijke schuldhulpverlening op de Verwijsindex schuldhulpverlening (VISH) van extra belang. Via VISH kunnen gerechtsdeurwaarders checken of een cliënt bekend is bij de schuldhulpverlening. Op basis daarvan kunnen zij hun opdrachtgever adviseren om de incasso hierop aan te passen (stop te zetten). Nog lang niet alle gemeenten hebben een aansluiting gerealiseerd. Gemeenten laten hierdoor volgens Klijnsma kansen liggen. Ze zal daarom binnenkort via een verzamelbrief het belang van VISH nogmaals onder de aandacht van gemeenten brengen.

Als je wilt aansluiten op VISH, dan denk ik, dat je contact moet opnemen met je automatiseerder (leverancier van je cliëntvolgsysteem) of de NVVK.

 

Voorlopig nog geen vereenvoudiging beslagvrije voet

Afbeeldingsresultaat voor goede voornemens loesjeKlijnsma schrijft op 2 december jl. in een brief aan de Tweede Kamer: ‘Het wetsvoorstel Vereenvoudiging van de beslagvrije voet ligt momenteel ter advisering bij de Raad van State en ik streef er naar dit wetsvoorstel […] nog dit jaar naar uw Kamer te sturen.’

Me dunkt dat invoering op 1 januari 2017 niet gaat lukken; het moet immers daarna nog naar de Eerste Kamer. Jammer, en ze had nog zo ‘haar stinkende best‘ gedaan. Nu gaat het waarschijnlijk niet eens meer lukken om dat binnen haar termijn als staatssecretaris voor elkaar te krijgen.

Miljoenennota 2017

Hier is ‘ie dan, de Miljoenennota 2017. Maar vooral interessant is de Begroting SZW 2017. Daarin is het volgende te lezen over armoedebeleid en schuldhulpverlening:

p. 16. Specifiek voor armoedebestrijding onder ouderen met een bijstandsuitkering stelt het kabinet in 2017 en 2018 in totaal € 7,5 miljoen beschikbaar via het Gemeentefonds.

p. 16. Om ervoor te zorgen dat ook kinderen die opgroeien in een gezin met een laag inkomen kansrijk kunnen opgroeien, stelt het Rijk structureel € 100 miljoen beschikbaar voor benodigdheden voor kinderen (0 tot 18 jaar) waardoor ze mee kunnen doen en die ze nu missen door armoede. Het gaat bijvoorbeeld om schoolbenodigdheden, sportattributen, zwemles, kleding of schoolreisje. Om er zeker van te zijn dat de middelen direct bij de kinderen terecht komen, ontvangen de kinderen deze benodigdheden in natura. De beschikbaarstelling van deze middelen zal op een dusdanige wijze gebeuren dat er zo min mogelijk administratieve lasten zijn. (NB. Op Zorg+Welzijn lees ik dat 90 van de € 100 miljoen naar gemeenten gaat, maar dat kan ik nergens terugvinden in de stukken bij de Miljoenennota. In de Volkskrant staat 85 van de € 100 miljoen, dus het zal zo ongeveer wel kloppen). (Lees update d.d. 21 sept.)

P. 16/17. gaat over de vereenvoudiging van de beslagvrije voet. Bevat geen nieuws (zie laatste nieuws op mijn blog), maar wel een mooi plaatje met de oude en nieuwe beslagvrije voet:

beslagvrije-voet

P. 169.

  • Ook in 2017 wordt de armoedeval kleiner. Werkenden met een lager inkomen gaan er het meeste op vooruit. Zij profiteren niet alleen van de maatregelen uit het koopkrachtpakket, maar ook van de verhoging van de maximale arbeidskorting.
  • Een toename van de gemiddelde nominale zorgpremie van € 1.199 naar € 1.241;
  • Beleidsmatige verhoging van de normpercentages van de zorgtoeslag. De zorgtoeslag stijgt hierdoor met € 15 voor een alleenstaande en € 33 voor een paar. Dit bovenop de stijging van de zorgtoeslag als gevolg van de hogere zorgpremie;
  • Een beleidsmatige verhoging van de algemene heffingskorting met € 5 tot € 2.254 in 2017;
  • Een beleidsmatige verhoging van de maximale arbeidskorting met € 110 tot € 3.223. Tegelijkertijd wordt de arbeidskorting € 2.325 eerder afgebouwd, vanaf € 32.444 in 2017, maar met een lager percentage (3,6%) dan in 2016 (4%);
  • De eerste- en tweede-kindbedragen in het kindgebonden budget worden met respectievelijk € 100 en € 67 verhoogd;
  • Een beleidsmatige verhoging van de ouderenkorting tot de inkomensgrens met € 101 tot € 1.292 in 2017;
  • Afbouw van de dubbele algemene heffingskorting in de sociale zekerheid naar 1,8125 vanaf januari 2017 en 1,8 vanaf juli 2017 en versobering uitbetaling algemene heffingskorting aan de minstverdienende partner naar 40% in 2017.

P. 177. Vanaf 1 januari 2017 wordt de eigen bijdrage in de huurtoeslag structureel verlaagd. De verlaging van de eigen bijdrage is vormgegeven door de opslag op de normhuur (de opslag plus de normhuur is het bedrag dat voor eigen rekening komt van de huurtoeslagontvanger) met € 10,50 per maand te verlagen. Elke huurtoeslagontvanger met een huur hoger dan de normhuur (ongeveer € 230 per maand) heeft hierdoor een positief inkomenseffect van € 10,50 per maand. Voor de ontvangers van huurtoeslag is het gemiddelde positieve inkomenseffect 0,6%.

P. 245. Overzicht van subsidies voor projecten rond armoede en schulden.

Ook interessant: Op Nibud.nl zijn koopkrachtplaatjes te vinden van diverse huishoudens. De website wordt druk bezocht vanavond, want hij loopt regelmatig vast.