SZW over schuldhulp aan ondernemers

Op Kamervragen over de uitsluiting van zelfstandigen van schuldhulp antwoordt staatssecretaris:

Gemeenten mogen geen uitsluitingsgronden in het kader van de schuldhulpverlening hanteren. Zij moeten, ook in geval van mensen met een onderneming, een individuele afweging maken. Op grond van de individuele omstandigheden kan vervolgens de toegang tot de schuldhulpverlening worden geweigerd. Het simpele feit dat er sprake is van een onderneming is niet voldoende om geen schuldhulpverlening aan te bieden.

Ook schrijft ze dat het Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz 2004) niet automatisch door de gemeente als passend en toereikend mag worden aangemerkt. En dat de gemeente de ondernemer niet zou moeten verplichten om de onderneming, indien deze rendeert, stop te zetten.

Goed om dit nog eens te benadrukken; in de praktijk is het vaak anders.

Meer nieuws van SZW: onder de titel ‘Ondernemend uit de schulden, gemeenten bieden hulp‘ heeft SZW onlangs filmpjes laten maken van een viertal organisaties die gemeenten kunnen inzetten om hen te helpen bij de schuldhulpverlening aan ondernemers. Er zijn vijf filmpjes, waaronder dit compilatiefilmpje:

Lees ook nog even Schuldhulpverlening voor ondernemers (juni 2017).

Manifest Nederland #Schuldvrij

Ik nodig je uit het Manifest Nederland #Schuldvrij te ondertekenen. In het manifest worden vijf verzoeken aan Den Haag gedaan:

  1. Schuldvrij logo 4x3 grootstop met het beboeten van armoede. Geldgebrek los je niet op met boetes
  2. pak de wanpraktijken bij incassobureaus aan. Weinig schuldenaren kennen en halen hun recht
  3. draai de marktwerking voor deurwaarders terug. Eén deurwaarder op één gezin
  4. zorg voor samenhang. Geef de overheid één gezicht
  5. bied meer mensen een perspectief op een schuldvrij bestaan. Een schone lei moet sneller in zicht komen.

Lees het hele verhaal. Het manifest is een initiatief van Jesse Frederik (De Correspondent), Sarah Sylbing en Ester Gould (Schuldig), Annemarie Gehrels (lobbyist / budgetmaatje) en Pieter Hilhorst (Amargi).

Regeerakkoord over armoede en schulden

Regeerakkoord

Op p. 27 van het vanmiddag gepresenteerde Regeerakkoord wijdt de nieuwe coalitie een paragraaf aan het Terugdringen van schulden en armoede:

  • Eén op de tien huishoudens heeft problematische schulden. Daarnaast loopt een grote groep het risico om problematische schulden te krijgen. Het kabinet wil het aantal mensen met problematische schulden terugdringen en mensen met schulden effectiever te helpen. Schuldhulpverlening is en blijft een gemeentelijke verantwoordelijkheid. Via programmatische afspraken wenst het kabinet met gemeenten tot een vernieuwende schuldenaanpak en een verbeterd schuldhulpverleningstraject te komen. Hierbij kunnen de volgende thema’s aan bod komen:
    – Verbeteren van de (toegang tot) schuldhulpverlening, met kortere wachttijden.
    – Beter samenwerken met andere partijen om onnodig oplopen van schulden te voorkomen.
    – Voorkomen van uithuisplaatsingen, zeker als daar kinderen bij betrokken zijn.
    – Ruimte geven aan gemeenten om op lokaal niveau met vernieuwende aanpakken en maatwerk te experimenteren.
  • De overheid heeft als schuldeiser een bijzondere verantwoordelijkheid om onnodige vergroting van schulden te voorkomen. De overheid dient de beslagvrije voet te respecteren. Om escalatie van schulden te voorkomen, wordt meer ingezet op direct contact met schuldenaren. De stapeling van boetes vanwege te laat betalen en bestuursrechtelijke premies wordt gemaximeerd. Mogelijkheden voor
    betalingsregelingen worden uitgebreid.
  • Bij incasso worden misstanden effectiever bestreden. De maximale incassokosten die in rekening mogen worden gebracht, worden gehandhaafd en er wordt bezien of het minimumbedrag omlaag kan. Er komt een incassoregister waarin incassobureaus worden opgenomen, die voldoen aan eisen met betrekking tot oprichting, bedrijfsvoering en opleiding. Indien een incassobureau te vaak de fout ingaat, wordt het beboet en verliest het de registratie.
  • Excessen in kredietverlening zullen worden tegengegaan, net als verdienmodellen waarbij hoge rentes mensen in de problemen brengen en de kosten van wanbetaling op de samenleving worden afgewenteld.
  • De juridische afhandeling van schulden wordt verbeterd. Schuldeisers dienen eerst de mogelijkheden van een betalingsregeling te onderzoeken voor een zaak voor de rechter wordt gebracht. Er komt een experiment met een schuldenrechter, die alle zaken van een schuldenaar geconcentreerd behandelt.
  • Gemeenten krijgen een adviesrecht in de gerechtelijke procedure rondom schuldenbewind.
  • Met gemeenten en erkende vrijwilligersorganisaties wordt gewerkt aan een landelijk dekkend netwerk van vrijwilligersprojecten gericht op schuldhulp en financiële begeleiding.
  • Het kabinet zal extra middelen beschikbaar stellen voor het voorkomen van schulden en de bestrijding van armoede – in het bijzonder onder kinderen. Op p. 61 zie ik bedragen staan: €30, €25 en €25 miljoen voor 2018, 2019 respectievelijk 2020. Niet structureel dus. Ik neem aan dat dit komt bovenop de Klijnsmagelden. Ik weet niet of het via gemeenten wordt uitgekeerd.

En verder lees ik:

  • P. 26: Het kabinet gaat in gesprek met gemeenten over de wijze waarop zij actief uitvoering geven aan de bestaande tegenprestatie. Omdat werk een zeer belangrijke onderdeel is van integratie, moet de arbeidsmarktpositie van Nederlanders met een migratieachtergrond –nieuwkomers én oudkomers– worden verbeterd. Om de beheersing van de Nederlandse taal –en daarmee het toekomstperspectief– te vergroten, geven gemeenten actief uitvoering aan de bestaande verplichting om de Nederlandse taal te leren. Het kabinet wil hierover niet-vrijblijvende bestuurlijke afspraken maken met gemeenten.
  • P. 27: Wanneer mensen vanuit de bijstand aan het werk komen, is het van belang dat ze er ook echt op vooruit gaan. Daarom wil het kabinet met gemeenten afspraken maken over het lokaal beleid om de armoedeval te verkleinen. Ook blijft de huidige ruimte voor experimenten in de Participatiewet om bijstandsgerechtigden weer actief te krijgen op de arbeidsmarkt.
  • P. 55: Te veel nieuwkomers blijven te lang aangewezen op een bijstandsuitkering. Dit is een onacceptabele uitkomst van het inburgeringsbeleid. Om dat te voorkomen dient er, waar mogelijk, een activerend en tegelijk ontzorgend systeem van sociale voorzieningen te zijn. Een simpeler en activerend systeem van voorzieningen voor statushouders kan dan inhouden: integratie met burgerschapswaarden en een verplicht leer- en (vrijwilligers)werktraject; een begeleide toegang tot de verzorgingsstaat: gemeenten
    innen de zorgtoeslag, huurtoeslag en bijstand gedurende de eerste twee jaar en de nieuwkomer ontvangt deze voorzieningen en begeleiding in natura met leefgeld. Na een toetsmoment kan een statushouder die zichzelf redt op de arbeidsmarkt, eventueel eerder uitstromen. Iemand die niet slaagt voor de toets, stroomt in principe nog niet uit. Op basis van het voorgaande worden middelen en werkwijzen ontwikkeld die in alle gemeenten toepasbaar kunnen zijn, zo nodig op basis van wet- en regelgeving, die het mogelijk maakt op deze wijze de zelfredzaamheid van nieuwkomers te bevorderen.
  • P. 66: De jaarlijkse afbouw van de dubbele algemene heffingskorting in het referentieminimumloon voor de bijstand wordt verlaagd van 5%-punt naar 3,75%-punt. Jaarlijks structureel, zo interpreteer ik het. In de Miljoenennota 2018 werd dit al aangekondigd voor alleen het jaar 2018. Lees wat dit betekent in Sociaal minimum gaat omlaag (2011) en Hoe zit dat nou precies met die dubbele heffingskorting? (2011).
  • P. 16: De hoogte van het maximale verplichte eigen risico voor zorgkosten wordt deze kabinetsperiode bevroren op €385 per jaar. Het niet verhogen van het eigen risico leidt, gegeven de financieringssystematiek in de Zvw, tot hogere zorgpremies.
  • P. 31: De harde afbouwgrens in de huurtoeslag wordt omgevormd naar een geleidelijkere afbouw.

Vanavond kijken: filmdocumentaire ‘Vergeef me mijn schulden’

Vanavond wordt om 21.00 uur op NPO 2 de Filmdocumentaire ‘Vergeef me mijn schulden‘ uitgezonden. Wsnp-praktijk mooi in beeld gebracht, ontroerend en informatief!

Rechter: schuldeiser mag rekening niet helemaal leeghalen

Bij bankbeslag moet er geld overblijven om van te leven. Dit heeft de kantonrechter eerder deze maand bepaald in de zaak van een stel uit Eindhoven van wie de rekening werd leeggehaald door een gerechtsdeurwaarder op de dag dat hun uitkering was gestort. Het is mooi dat anderen zich vanaf heden kunnen beroepen op deze rechterlijke uitspraak. Maar mensen zullen nog wel naar de rechter moeten om hun leefgeld terug te eisen. Bron: Volkskrant.

Staatssecretaris Klijnsma heeft eerder dit jaar toegezegd te gaan werken aan een voorstel om bankbeslag wettelijk goed te regelen.

Weinig verrassingen in begroting 2018

Vandaag werden de Miljoenennota 2018 en Rijksbegroting SZW 2018 gepresenteerd. Voor gemeenten zie ik rond armoedebeleid en schuldhulpverlening geen nieuwe budgettaire wijzigingen. Op p. 19 van de SZW-begroting is een paragraaf over ‘armoede en schulden’ opgenomen. Maar ook daarin lees ik niets nieuws.

Voor minima en mensen met schulden zie ik wel een paar vermeldenswaardige zaken:

Eerder was al bekend dat het kabinet €425 miljoen uittrekt om de koopkracht van de meest kwetsbare groepen op peil te houden. En dat het eigen risico, de zorgpremie en de zorgtoeslag (p. 169 begroting SZW) omhoog gaan.

Minder snelle verlaging sociaal minimum
Op p. 19 Miljoenennota lees ik: ‘Het kabinet verbetert met verschillende maatregelen de koopkracht van kwetsbare groepen. Zo wordt de afbouw van de dubbele algemene heffingskorting in de bijstand getemporiseerd, wat een positief effect heeft op de inkomens van de sociale minima.’ Door de afbouw – die volgens de oorspronkelijke plannen zou plaatsvinden in 20 jaar vanaf 2012 – wordt het sociaal minimum verlaagd. Het sociaal minimum wordt in de nieuwe plannen dus nog wel verlaagd, maar minder snel. In de periode 2014 tot en met 2017 is het afbouwtempo gehalveerd. De maatregel in de Miljoenennota voorziet in het verlengen van deze temporisering tot en met 2018. Lees: Sociaal minimum gaat omlaag (2011) en Hoe zit dat nou precies met die dubbele heffingskorting? (2011).

Verhoging Kindgebonden budget
p. 72 Miljoenennota: Het bedrag voor het tweede kind van het kindgebonden budget verhoogt het kabinet met €71 naar €977 per jaar.

Zelfredzaamheid van de burger
Afgelopen vrijdag bepleitte Will Tiemeijer namens de WRR dat de overheid (rijk en gemeenten) de sociale zekerheid en schuldhulpverlening veel meer moet organiseren vanuit realistisch perspectief, en minder vanuit rationalistisch perspectief. (Mensen nemen beslissingen vaak niet alleen op basis van rationele overwegingen, maar ze worden beïnvloed door allerlei sociale en psychologische factoren). De adviezen van de WRR hebben een prominente plek gekregen in de Miljoenennota! Zie p. 36-39. Inzichten vanuit de gedragswetenschappen worden o.a. meegenomen in het beleid van DUO en de Belastingdienst. En: ‘Het Ministerie van Financiën onderzoekt nu samen met de AFM, mede vanuit een gedragsperspectief, de risico’s en ontwikkelingen op de markt voor consumptief krediet. Dit helpt om te bepalen welke rol er is voor waarschuwingen en hoe deze effectief kunnen zijn. Hierbij is speciale aandacht voor de link tussen consumptief krediet en de schuldenproblematiek.

Nieuwe beslagvrije voet pas in 2019
Misschien heb ik iets gemist, maar op p. 19 van de SZW-begroting lees ik: ‘Daarnaast wordt de Wet vereenvoudiging beslagvrije voet uiterlijk op 1 januari 2019 geïmplementeerd.’ Eerder dit jaar was de beoogde invoeringsdatum nog 1 januari 2018!

Miljoenennota 2018

Morgen lees je op dit blog wat er in de Miljoenennota staat over armoede en schulden. Een paar zaken zijn al uitgelekt:

Het kabinet trekt €425 miljoen uit om de koopkracht van de meest kwetsbare groepen op peil te houden. Mensen met een uitkering hebben daardoor 0,3% meer te besteden. Zonder de extra miljoenen zou dat – 0,1% zijn. Ouderen gaan er 0,6% op vooruit in plaats van 0,1% op achteruit. Mensen met werk gingen en gaan er 0,8% op vooruit. Vooral mensen met een inkomen boven €65.000 gaan er op vooruit, met 1,1% voor de hoogste inkomens.

Het eigen risico in de zorg stijgt van €385 in 2017 naar €400 in 2018. Ook de zorgpremie stijgt. Met hoeveel precies bepalen uiteindelijk de zorgverzekeraars zelf, maar eerdere berichten meldden een verhoging van maandelijks €7. De zorgtoeslag wordt tegelijkertijd verhoogd met maximaal €130. Of daarmee (voor alle groepen) het hogere eigen risico en de hogere zorgpremie worden gecompenseerd, kan ik niet achterhalen op basis van wat er nu bekend is.

Ik kijk al uit naar de troonrede..